Advocaat gesluierde vrouwen onthult: ‘Dit zei de agent tegen ze’

- Advertisement -

De advocaat van de vrouwen die betrokken waren bij het politieoptreden onder het Bollendak bij Utrecht Centraal heeft zondagavond in het programma Pauw, De Wit & Moggré benadrukt dat zijn cliënten vooral erkenning willen voor wat zij zien als disproportioneel politiegeweld. Volgens advocaat Anis Boumanjal draait de zaak nadrukkelijk niet om het straffen van een agent, maar om lering trekken, zorgvuldige toetsing en een vorm van erkenning.

Eind vorige maand ontstond er ophef nadat een agent bij de aanhouding van twee gesluierde vrouwen een wapenstok trok en een trap uitdeelde. Beelden van het incident gingen rond op sociale media en leidden tot bedreigingen aan het adres van de betrokken agent. De politie oordeelde later dat de aanhouding rechtmatig was, maar dat het toegepaste geweld deels anders had gekund. Politiechef Yvonne Hondema stelde daarbij dat de trap technisch correct was uitgevoerd.

“Of iets technisch goed is uitgevoerd, vind ik eigenlijk om het even”, zei Boumanjal daarover. “De vraag is of het proportioneel was. En delen van dat geweld waren dat niet, zo is ook vastgesteld na interne toetsing.” Volgens de advocaat sprak Hondema daarbij met “meel in de mond”.

- Advertisement -

Erkenning en proportionaliteit

De raadsman erkent dat de aanhouding zelf rechtmatig was en dat zijn cliënten zijn opgepakt wegens belediging. “De rechtmatigheid van de aanhouding wordt niet betwist. Maar de vraag wordt dan: hoe ga je die aanhouding effectueren? Daar ging het naar mijn bescheiden mening mis.”

- Advertisement -

Dat de agent inmiddels ondergedoken zit vanwege bedreigingen, noemt Boumanjal ‘enorm betreurenswaardig’. “De zaak is helemaal niet in het leven geroepen om de agent aan de hoogste boom te hangen, allesbehalve.”

Tegelijkertijd benadrukt hij dat ook zijn cliënten te maken hebben gekregen met ernstige bedreigingen en online haat. “De dames worden ook bedreigd. Er is veel shit over hen heen gekomen. Ook over mij. Niemand heeft hier iets aan. De dames, en ik ook, distantiëren zich van bedreigingen waarom deze agent ondergedoken zit.”

‘Geweldsmonopolie vraagt om zorgvuldigheid’

Volgens Boumanjal moet het optreden van agenten altijd worden bezien in het licht van het geweldsmonopolie dat zij hebben. “De agenten hebben geen makkelijk werk”, erkent hij. “Tegelijkertijd hebben ze een geweldsmonopolie. Dat wordt gekaderd door instructies en regels. Dan kun je bepalen wanneer je te ver gaat. Als je die instructies te buiten gaat, is het niet gek dat een burger aangifte doet en vraagt om ernaar te kijken. Ook dat is een recht in onze rechtstaat.”

- Advertisement -

Een belangrijk punt van kritiek van de vrouwen is dat zij volgens hun advocaat nooit zijn gehoord door de interne commissie die het politiegeweld toetste. Ook zou er vanuit de politie geen handreiking zijn gedaan voor een persoonlijk gesprek.

De politie laat in een reactie weten dat de toetsing van politiegeweld wettelijk is vastgelegd en dat het horen van betrokkenen die geweld hebben ervaren daar geen onderdeel van uitmaakt.

Opmerking van agent

Daarnaast willen de vrouwen dat breder wordt gekeken naar de context van het incident. Zij stellen dat zij tijdens de aanhouding een opmerking van een agent hebben gehoord: “Jullie horen niet in dit land.”

Boumanjal wil dat die vermeende uitspraak wordt onderzocht. “Wij hebben dat in de aangifte opgenomen. Onderzoek dat. Vraag het aan de agent. Misschien heeft hij het gezegd, maar bedoelt hij het niet op die manier. Misschien hebben andere getuigen het gehoord. Onderzoek dat.”

Volgens de advocaat gaat de zaak uiteindelijk over de positie van de burger tegenover de overheid. “Maar de politie heeft het geweldsmonopolie. Als een agent buiten zijn instructie treedt, is het niet vreemd dat een burger aangifte doet. Dit gaat over het recht van de burger op bijstand tegen een almachtige overheid.”

Afgelopen weekend liet Boumanjal al aan RTV Utrecht weten dat hij en zijn cliënten het waarderen dat de politie verantwoordelijkheid neemt en zegt te willen leren van het incident. Tegelijkertijd hebben de vrouwen aangifte gedaan en wachten zij op een reactie van het Openbaar Ministerie.

Discussie met Halbe Zijlstra

In de uitzending ontstaat ook een discussie tussen Boumanjal en oud-politicus Halbe Zijlstra. De voormalig minister van Buitenlandse Zaken heeft ‘een heel ander beeld’. “Ik heb een heel ander beeld. “Ik ben de zoon van een politieagent, dus in die zin misschien ook niet helemaal objectief. De discussie gaat nu over dit stukje, maar ik vind het ook heel belangrijk wat daarvoor gebeurt. Namelijk de manier waarop mensen denken dat ze met de politie mogen omgaan.”

“De mensen die voor ons de orde proberen te handhaven, worden voor rotte vis uitgemaakt. Dat een agent dan een keer uit z’n slof schiet… Is het volgens de regels goed? Ongetwijfeld niet. Maar dat wij nu de discussie voeren over deze agent en wat hij in het moment heeft gedaan, in plaats van het schofterige gedrag – met alle respect voor de twee dames…”, aldus Zijlstra.

Boumanjal vindt dat Zijlstra daarmee de kern mist. “Als zoon van een politieagent – en ik heb u hoog zitten, meneer Zijlstra – dit goedkeuren, enkel en alleen omdat ze vaak worden getergd… Daar wil ik overigens niets aan afdoen, ze worden getergd. Ik kan er nog best in meegaan dat je denkt: als ik daar had gestaan, had ik er ook eentje uitgedeeld. Maar je bent in vredesnaam politieagent. Dan houd je je aan de regels, hoe moeilijk het ook is.”

“Ik geef het voorbeeld van een leerkracht in een puberaal klasje, met pubers met een grote mond…” Als Zijlstra hem onderbreekt, zegt de advocaat: “Laat het me even afmaken. Als je dan die jongens allemaal een klap geeft, dat kan gewoon niet. Ik had verwacht dat jij als zoon van een politieagent zou zeggen: ik snap dat het moeilijk is, maar we hebben ons te houden aan de geweldsinstructies.”

- Advertisement -

NET BINNEN

Populairste artikelen