Shorttracker Sven Roes heeft voor het eerst zelf gereageerd sinds zijn vermissing. De 26-jarige schaatser deelt in een emotioneel statement dat hij de afgelopen jaren steeds verder in een mentale crisis terechtkwam. Ook onthult hij dat hij momenten heeft gehad waarop hij niet meer wilde leven.
Roes schrijft dat hij lange tijd deed alsof het goed met hem ging, terwijl hij van binnen steeds verder afgleed.
“De afgelopen maanden, misschien zelfs jaren, heb ik gedaan alsof het goed met me ging. Of misschien wilde ik dat zelf ook heel graag geloven. Na alle operaties, blessures en het missen van de Olympische Spelen, terwijl ik het seizoen daarvoor nog tweede werd op het EK, bleef ik hopen dat het ooit weer goed zou komen.
Mijn lichaam, en vooral mijn heup, heeft me al jaren tegengewerkt. Ik wilde blijven presteren. Ik wilde mensen trots maken. Ik wilde mijn familie niet teleurstellen. Daardoor vergat ik mezelf. Ik bleef zeggen dat het goed ging, terwijl ik van binnen langzaam kapotging.
Ik heb jarenlang geloofd dat als ik maar hard genoeg werkte, ik mijn droom zou waarmaken: olympisch goud. Ik weet hoe hard ik daarvoor heb gewerkt. Juist daarom was het zo moeilijk om te accepteren dat mijn lichaam me steeds opnieuw in de steek liet.
De Sven die ik altijd was, raakte ik kwijt. Ik herkende mezelf niet meer. Mijn familie merkte dat er iets niet klopte en vroeg regelmatig hoe het met me ging. Maar ik kon niet eerlijk zijn. Ik wilde hen geen zorgen geven. Ik wilde sterk zijn. Achteraf besef ik dat ik ze daarmee juist meer pijn heb gedaan.”
‘Ik zag geen uitweg meer’
In zijn verklaring vertelt Roes ook wat er gebeurde toen de druk hem uiteindelijk te veel werd.
“Op een gegeven moment werd alles me te veel. Ik zag geen uitweg meer en ben gevlucht. Vrijwel direct kreeg ik daar spijt van. Ik zocht weer contact met mijn familie, omdat ik ontzettend veel van ze houd. Ik liet weten dat ik veilig was, maar ook dat ik niet meer wist hoe ik verder moest.
Toen ontdekte ik iets wat ik veel eerder had moeten beseffen: mijn familie gaf helemaal niet om prestaties of medailles. Ze wilden mij gewoon terug. Dat besef brak me.
Mijn strijd gaat veel dieper dan alleen een sportcarrière die anders is gelopen dan ik had gehoopt. Er waren momenten waarop ik dacht dat ik niet meer verder wilde leven. Niet omdat ik niet van het leven hield, maar omdat ik niet meer kon leven met het gevoel dat ik had gefaald en iedereen had teleurgesteld.
Toch dacht ik op die momenten ook aan mijn familie. Ik kon hen die pijn niet aandoen. Daarom ben ik teruggekomen.”
Terug in Nederland
Roes laat weten inmiddels terug te zijn in Nederland en professionele hulp te gaan zoeken.
“Ik ben nu weer in Nederland en ga professionele hulp zoeken. Dat vind ik misschien wel het moeilijkste om toe te geven. Ik heb altijd gedacht dat ik alles alleen moest kunnen oplossen. Dat ik sterk moest zijn. Maar echte kracht zit ook in eerlijk durven zijn en hulp durven accepteren.
Ik schaam me diep voor wat er is gebeurd en voor de pijn die ik mijn familie heb aangedaan. Dat gevoel draag ik elke dag met me mee. Maar ik wil eraan werken om weer de persoon te worden die ik ooit was.
Aan iedereen die mijn familie een bericht heeft gestuurd of op welke manier dan ook steun heeft gegeven: dank jullie wel. Dat betekent ontzettend veel voor ons. Jullie medeleven en warme woorden hebben ons echt geraakt.
Ik deel dit verhaal niet om medelijden te krijgen. Ik deel het omdat ik niet langer wil doen alsof alles goed gaat. Vanaf nu wil ik eerlijk zijn. Dat is de eerste stap op weg naar herstel.”
Eerder op maandag maakte de KNSB bekend dat Roes zondag is teruggekeerd naar Nederland en is herenigd met zijn familie. De 26-jarige shorttracker was ruim twee weken vermist. Zijn auto werd eerder aangetroffen op Schiphol, waarna zijn familie weer contact met hem kreeg. Volgens de schaatsbond verkeert Roes in goede gezondheid, maar hebben hij en zijn familie nu behoefte aan rust en privacy. De bond beschouwt de kwestie daarom als een privéaangelegenheid.

