De man die vrijdagmiddag op een druk terras aan de NDSM-kade in Amsterdam-Noord werd doodgeschoten, is Marcel Blijd.
De Amsterdammer werkte als afdelingshoofd in het Justitieel Complex Zaanstad en had al bijna veertig jaar ervaring binnen het Nederlandse gevangeniswezen. Uit een podcast die hij ongeveer tweeënhalf jaar voor zijn dood opnam, ontstaat het beeld van een ervaren gevangenismedewerker die zijn werk met veel liefde voor het vak, overtuiging en passie deed.
Blijd werd vrijdag iets na 15.00 uur neergeschoten op een terras bij de NDSM-werf. Hulpverleners hebben hem nog gereanimeerd, maar hij overleed ter plaatse aan zijn verwondingen. De politie hield kort na de schietpartij een verdachte aan.
Volgens bronnen van onder meer Het Parool zou de aangehouden man Soma eerder gedetineerd zijn geweest in het Justitieel Complex Zaanstad, waar Blijd werkte. Of de twee elkaar daadwerkelijk kenden en of hun mogelijke voorgeschiedenis een rol heeft gespeeld bij de schietpartij, wordt onderzocht.
Marcel Blijd werkte sinds 1987 bij Justitie
In april 2024 schoof Marcel aan bij de podcast De Werkvloer van Metro, waarin hij uitgebreid vertelde over zijn leven en zijn lange carrière in het gevangeniswezen.
Blijd vertelde dat hij werd geboren in Paramaribo in Suriname en op zesjarige leeftijd naar Nederland kwam. Zijn loopbaan bij Justitie begon in 1987, toen hij 21 jaar oud was.
Een loopbaan als gevangenisbewaarder lag niet helemaal buiten zijn belevingswereld. Zijn vader werkte eveneens als bewaarder en later bij de politie. Blijd kwam daardoor als kind al regelmatig in gevangenissen. Op zijn zestiende of zeventiende werkte hij bovendien tijdens een vakantiebaantje in de keuken van de Bijlmerbajes, samen met gedetineerden.
Na zijn militaire dienst kwam hij uiteindelijk zelf bij Justitie terecht. Wat aanvankelijk mede een praktische en financiële keuze was, groeide uit tot een carrière die bijna vier decennia zou duren.
Hij werkte jarenlang in de Bijlmerbajes en later in het Justitieel Complex Zaanstad. Daar werd hij uiteindelijk afdelingshoofd, de functie die hij tot zijn dood uitvoerde.
‘Iedereen gewoon gelijk behandelen’
Uit het gesprek uit 2024 blijkt dat Blijd een duidelijke visie had op de omgang met gedetineerden. Toen hem werd gevraagd of hij gedetineerden eerder als vriend of vijand zag, antwoordde hij zonder aarzelen: “Vriend.”
Hij kreeg ook de keuze tussen een autoritaire of gelijkwaardige benadering. Blijd koos voor gelijkwaardigheid, al benadrukte hij dat dit niet in iedere situatie mogelijk was.
In zijn jongere jaren was hij naar eigen zeggen een stuk strenger. In de jaren tachtig was binnen gevangenissen volgens hem bovendien veel meer sprake van een autoritaire cultuur. Door de jaren heen veranderde zijn aanpak.
“Ik probeer voor mezelf iedereen gewoon gelijk te behandelen”, vertelde hij. Wat iemand had gedaan, moest volgens Blijd geen verschil maken in de manier waarop hij die persoon tijdens zijn werk behandelde.
Ook zware criminelen maakten hem na al die jaren niet meer zenuwachtig. “Je leert gewoon: het zijn ook mensen”, zei hij in de podcast.
Volgens een voormalige collega die vrijdag met Het Parool sprak, kon Blijd juist goed overweg met ingewikkelde groepen gedetineerden. Hij werkte onder meer op afdelingen met personen uit de Amsterdamse Top 600-aanpak. De collega omschreef hem als iemand die duidelijkheid en veiligheid bood en door zowel collega’s als gedetineerden werd gewaardeerd.
Marcel Blijd werd eerder bijna gewurgd
Dat het werk gevaarlijk kon zijn, wist Blijd uit eigen ervaring. In de podcast vertelde hij dat hij meerdere keren was aangevallen door gedetineerden. Eén incident was hem in het bijzonder bijgebleven: hij werd tijdens zijn werk bijna gewurgd.
Volgens Blijd ontstond de situatie door een miscommunicatie met collega’s. Er was een nieuwe gedetineerde binnengekomen die volgens hem ernstig psychisch in de war was. De man was in een cel geplaatst waarvan Blijd dacht dat deze leeg stond.
Hij wilde de cel gereedmaken voor een nieuwe gedetineerde en opende nietsvermoedend de deur. “Ik doe de celdeur open en meteen heb ik twee handen om mijn keel. Ja, dan word je overvallen”, vertelde Blijd.
Zijn collega’s waren snel ter plaatse. Medewerkers droegen een persoonlijk alarmsysteem waarmee in noodgevallen onmiddellijk versterking kon worden opgeroepen. Volgens Blijd kon een ruimte daardoor binnen ongeveer dertig seconden volstaan met collega’s.
Opvallend genoeg zei hij in hetzelfde interview dat hij dergelijke heftige gebeurtenissen thuis nauwelijks besprak. Werk en privé hield hij bewust van elkaar gescheiden.
“Thuis ben je vader voor je kinderen en echtgenoot. Op mijn werk ben je bewaarder. Dat zijn twee verschillende werelden.” Zware incidenten verwerkte hij vooral samen met zijn collega’s.
Marcel wilde bijna gaan stoppen met werken
Een uitspraak uit dezelfde podcast krijgt na zijn gewelddadige dood een wrange lading. Blijd werd in april 2024 gevraagd of hij niet bang was dat alle heftige ervaringen uit zijn carrière hem uiteindelijk alsnog zouden inhalen.
Hij antwoordde dat hij daar niet bang voor was en wees erop dat het einde van zijn carrière langzaam in zicht begon te komen. “Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik waarschijnlijk binnen vier à vijf jaar stop”, zei Blijd destijds.
Vanaf april 2024 gerekend zou dat betekenen dat hij ongeveer in 2028 of 2029 van plan was zijn carrière bij Justitie af te sluiten. Op het moment van zijn dood, ongeveer tweeënhalf jaar na het interview, had hij volgens die planning waarschijnlijk nog zo’n anderhalf tot tweeënhalf jaar willen werken.
Ruzie over loslopende hond voorafgaand aan schietpartij
De fatale confrontatie aan de NDSM-kade zou vrijdag zijn begonnen met een woordenwisseling. Een getuige vertelde aan Het Parool dat een man met een hond langs het terras liep en daar ruzie kreeg met Blijd.
Volgens die getuige sprak Blijd de man aan omdat diens hond losliep en hard blafte. De politie heeft bevestigd dat voorafgaand aan de schietpartij sprake was van een woordenwisseling, maar doet nog onderzoek naar de precieze aanleiding en toedracht.
De verdachte zou vervolgens het terras zijn opgelopen en hebben geschoten.
Na de schietpartij werd de verdachte in de omgeving aangehouden. Volgens een getuige zou het vuurwapen na het schieten in het IJ zijn gegooid. Politieduikers vonden later die avond daadwerkelijk een vuurwapen in het water. Het wapen wordt onderzocht.
Misdaadjournalist John van den Heuvel meldde in RTL Boulevard op basis van getuigen dat de verdachte een verwarde indruk zou hebben gemaakt.
Dit is wat bekend is over verdachte Soma
Over de aangehouden verdachte zijn inmiddels meer details naar buiten gekomen. Volgens ingewijden die door Het Parool en andere media worden aangehaald, gaat het om een man die in de omgeving bekend zou staan onder de bijnaam Soma.
De man zou afkomstig zijn uit Tuindorp-Oostzaan, de wijk die direct grenst aan het NDSM-terrein. Bronnen melden dat hij geregeld met zijn hond in de omgeving van de werf rondliep. Ook op beelden die na de schietpartij op sociale media circuleerden, is de verdachte te zien met een hond.
Volgens dezelfde bronnen heeft Soma in het verleden vastgezeten in het Justitieel Complex Zaanstad. Dat maakt de achtergrond van de zaak extra relevant, omdat Marcel Blijd daar als afdelingshoofd werkte.
Of Blijd en de verdachte elkaar uit de gevangenis daadwerkelijk persoonlijk kenden, is vooralsnog niet vastgesteld. Evenmin is bekend of een eventuele eerdere ontmoeting een rol heeft gespeeld bij de schietpartij.
De recherche onderzoekt daarom meerdere scenario’s. Een van de vragen is of de woordenwisseling over de hond de directe aanleiding vormde voor het geweld, of dat er mogelijk al een voorgeschiedenis tussen de twee mannen bestond.
Soma droeg vrijdag een opvallende rode joggingbroek en een wit hemd, zo is te zien op beelden die circuleren.
Voor de politie zijn er veel getuigen. Het was vanwege het zonnige weer druk op de NDSM-kade toen er werd geschoten. Veel bezoekers van het terras en mensen in de omgeving zagen het geweld gebeuren.


