De familie van Marcel Blijd is diep geraakt door zijn gewelddadige dood op de NDSM-werf in Amsterdam-Noord. De medewerker van de penitentiaire inrichting Zaanstad werd vrijdag op klaarlichte dag doodgeschoten terwijl hij op het terras van café-restaurant De Baanderij zat. Een dag later kwamen tientallen familieleden bijeen op de plek waar hij om het leven kwam.
Verdriet, ongeloof en boosheid overheersen. Familieleden kunnen nauwelijks bevatten dat Blijd, die bekendstond als familieman, vertrouwenspersoon en rolmodel, er plotseling niet meer is.
Familie Marcel Blijd vol vragen na schietpartij
Blijd zat vrijdag op het terras aan de kade van de NDSM-werf toen een man in een rood trainingspak hem doodschoot. Waarom de schutter het op hem gemunt had, is nog niet duidelijk.
De politie onderzoekt verschillende scenario’s. Zo is onduidelijk of er vlak voor de schietpartij een confrontatie ontstond, bijvoorbeeld vanwege een loslopende hond, of dat er mogelijk een verband bestaat met Blijds werk in de PI Zaanstad. Volgens bronnen van De Telegraaf zou de verdachte daar eerder gedetineerd zijn geweest.
Neef Hedwig Sno zegt op videobeelden te hebben gehoord dat de verdachte, die de bijnaam Soma zou hebben, iets over medicijnen riep. „Hij zou zijn medicijnen zeven keer niet hebben gekregen of zo. Tja, ik weet niet. Marcel was de dokter toch niet? Was die man verward? Waarom liep hij dan over straat?”
Ook andere familieleden blijven met grote vragen achter. Een nicht van Blijd begrijpt vooral niet hoe iemand gewapend over straat kon lopen. „Is er helemaal geen tolerantiegrens meer in Nederland? Gekken die met een vuurwapen over straat lopen. Hoe dan? Ik begrijp er niets van.”
‘Ook voor gevangenen was hij goed en rechtvaardig’
Binnen zijn familie stond Blijd bekend als iemand bij wie iedereen terechtkon. Hij was de oudste van een groot Surinaams gezin en had volgens zijn naasten veel gezag.
„Je kon altijd bij hem terecht”, vertelt een nicht. „Nooit boos, nooit een oordeel, altijd een luisterend oor.”
Ook op zijn werk zou Blijd bekend hebben gestaan om zijn duidelijke en rechtvaardige manier van handelen. „Het klinkt cliché, maar ook voor de gevangenen was hij goed en rechtvaardig. Dat was écht zo”, zegt een ander familielid.
Jeugdvriend Jerrel Wijnhard herkent dat beeld. Volgens hem kon Blijd zeer direct uit de hoek komen. „Hij was duidelijk. Soms kon dat ook hard zijn. Scherpe tong, verbaal sterk. Hij zette je op je plaats, hè. Maar mensen luisterden naar hem.”
Zijn overlijden komt daardoor niet alleen hard aan binnen de familie, maar ook bij mensen die hem gedurende zijn loopbaan leerden kennen. Blijd werkte als teamleider in de PI Zaanstad en naderde het einde van zijn werkzame leven.
Familie probeert ondanks verdriet door te gaan
Het verlies is enorm, maar binnen de familie wordt ook geprobeerd om samen verder te gaan. „We gaan door”, zegt Jerrel. „Zo leren we dat in onze cultuur. De bitterheid neem je op, en laat je van je afglijden. Dat moet. We móeten door.”
Voor november stond al een familiereünie gepland. Wat een vrolijke bijeenkomst met een barbecue en het weerzien van familieleden had moeten worden, krijgt door de dood van Blijd plotseling een totaal andere betekenis.
„Een barbecue, plezier maken, elkaar weer zien. En dan is uitgerekend onze Marcel er niet bij”, zegt neef Hedwig Sno. De politie doet nog onderzoek naar de aanleiding voor de dodelijke schietpartij en naar de precieze relatie tussen de verdachte en het slachtoffer.
Marcel Blijd was pas twee maanden opa
Ook privé stond Blijd juist aan het begin van een nieuwe fase. Hij woonde in Purmerend en laat een vrouw en twee dochters achter.
Zijn oom Hesdy Marengo, die slechts twee jaar jonger is dan zijn neef, vertelt dat Blijd kort geleden voor het eerst grootvader was geworden. „Hij was net twee maanden opa. Dat kun je toch niet geloven…”
Op de plek waar hij werd doodgeschoten, liggen inmiddels veel bloemen. Familieleden kwamen daar zaterdag samen om hem te herdenken.
Hesdy en jeugdvriend Jerrel namen daarbij een slok Surinaamse rum en spuugden die uit over de bloemen. Daarna besprenkelden zij de plek met water.
„Om de geest te verdrijven”, legt Hesdy uit. „Marcel hoeft hier niet meer te zijn. Hij mag gaan rusten.”
Familie probeert ondanks verdriet door te gaan
Het verlies is groot, maar de familie probeert samen verder te gaan. „We gaan door”, zegt Jerrel. „Zo leren we dat in onze cultuur. De bitterheid neem je op, en laat je van je afglijden. Dat moet. We móeten door.”
Voor november stond al een grote familiereünie gepland. Wat een gezellige bijeenkomst met een barbecue en het weerzien van familieleden had moeten worden, krijgt nu een totaal andere betekenis.
„Een barbecue, plezier maken, elkaar weer zien. En dan is uitgerekend onze Marcel er niet bij”, zegt neef Hedwig Sno.
De politie onderzoekt ondertussen meerdere scenario’s rond de dood van Blijd. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de woordenwisseling op het terras, een eventuele eerdere ontmoeting tussen Marcel en verdachte Soma in het Justitieel Complex Zaanstad en de precieze gebeurtenissen voorafgaand aan de schietpartij.
Marcel ontsnapte tijdens zijn werk eerder aan de dood
Dat zijn werk risico’s met zich meebracht, wist Blijd maar al te goed. In De Werkvloer van Metro vertelde hij dat hij in zijn loopbaan meerdere keren door gedetineerden was aangevallen.
Eén incident had grote indruk op hem gemaakt. Blijd werd tijdens zijn werk bijna gewurgd door een gedetineerde die volgens hem ernstig psychisch in de war was.
Door een miscommunicatie dacht Blijd dat een cel leeg was. Toen hij de deur opende, bleek daar wel degelijk iemand te zitten. „Ik doe de celdeur open en meteen heb ik twee handen om mijn keel. Ja, dan word je overvallen”, vertelde hij.
Collega’s konden snel ingrijpen nadat alarm was geslagen. Volgens Blijd zorgde het persoonlijke alarmsysteem ervoor dat in zeer korte tijd meerdere medewerkers aanwezig konden zijn.
Ondanks zulke heftige incidenten nam hij zijn werk bewust zo min mogelijk mee naar huis. „Thuis ben je vader voor je kinderen en echtgenoot. Op mijn werk ben je bewaarder. Dat zijn twee verschillende werelden.”
Zware gebeurtenissen besprak en verwerkte hij vooral met zijn collega’s.
Blijd wilde over enkele jaren met pensioen
Een uitspraak die Blijd in diezelfde aflevering van De Werkvloer van Metro deed, krijgt na zijn dood een bijzonder wrange lading.
In april 2024 werd hem gevraagd of hij bang was dat de heftige ervaringen uit zijn loopbaan hem later alsnog zouden inhalen. Blijd zei daar niet bang voor te zijn. Hij wees er juist op dat het einde van zijn carrière inmiddels langzaam dichterbij kwam.
„Ik ben op een leeftijd gekomen dat ik waarschijnlijk binnen vier à vijf jaar stop”, zei hij destijds.
Dat zou betekenen dat hij rond 2028 of 2029 afscheid had willen nemen van Justitie. Op het moment dat hij werd doodgeschoten, had hij volgens die planning nog slechts enkele jaren willen doorwerken.
Na bijna vier decennia in het gevangeniswezen kwam aan die carrière vrijdag abrupt een einde.


