Meisje (16) ontmoet Mohammed online, daarna volgen volgens OM steeds extremere opdrachten

- Advertisement -

Het Openbaar Ministerie verdenkt de 20-jarige Mohammed H. uit Purmerend van ernstige mishandeling en seksueel misbruik van een 16-jarig meisje uit Rotterdam. Volgens justitie zette hij haar maandenlang online onder druk om zichzelf te verwonden, teksten op haar lichaam te schrijven en seksuele handelingen uit te voeren. Het meisje zou onder meer de naam ‘Zoro’ in haar eigen lichaam hebben moeten kerven.

De zaak kwam dinsdag voor het eerst aan bod tijdens een inleidende zitting bij de rechtbank in Rotterdam. Het slachtoffer was daarbij aanwezig, Mohammed H. niet. Volgens zijn advocaat Joost Vedder bleef zijn cliënt weg omdat hij zich diep schaamt voor wat er is gebeurd.

De verdenkingen hebben betrekking op de periode van 30 april tot 10 juli van dit jaar. H. en het meisje zouden elkaar online via Roblox hebben leren kennen en korte tijd een relatie hebben gehad. Volgens het OM ontstond vervolgens een situatie waarin H. steeds verdergaande opdrachten gaf.

- Advertisement -

Meisje moest volgens OM ‘Zoro’ in eigen lichaam kerven

Justitie stelt dat H. het meisje opdroeg zichzelf met een scherp voorwerp te snijden. Daarbij moest zij de naam Zoro in haar lichaam kerven, met littekens tot gevolg.

- Advertisement -

Ook zou het slachtoffer teksten als ‘Zoro owns me’ met stift op haar lichaam hebben moeten schrijven. De gebruikersnaam die H. online gebruikte, Master Zoro, moest volgens de verdenking bovendien met bloed op een muur of op haar eigen lichaam worden geschreven.

Daar bleef het volgens het OM niet bij. H. zou het zestienjarige meisje ook hebben gedwongen voorwerpen bij zichzelf in te brengen. Die verdenking is hem ten laste gelegd als verkrachting. Daarbij zou hij druk hebben uitgeoefend door ermee te dreigen naaktfoto’s van haar openbaar te maken.

Het slachtoffer stapte uiteindelijk zelf naar de politie.

- Advertisement -

De officier van justitie omschreef het dossier tijdens de zitting als ‘een nare zaak’, en legde een relatie met de zogenoemde COM-beweging. Daarbij gaat het volgens het tijdens de rechtszaak geschetste beeld om onlinegroepen waarin extreem geweld en zelfbeschadiging worden genormaliseerd en verheerlijkt. In dergelijke kringen worden voornamelijk jonge slachtoffers aangezet tot zelfverwonding.

De naam 764, die als onderdeel van The Com wordt genoemd, duikt volgens de advocaat van H. ook op in publicaties over zijn cliënt. H. ontkent echter dat hij lid is geweest van 764, de COM-beweging of een andere dergelijke groep.

Mohammed H. betuigt spijt in brief aan rechtbank

Hoewel H. zelf niet in de rechtbank verscheen, heeft hij volgens zijn advocaat wel een brief geschreven aan zowel de rechtbank als het slachtoffer. Daarin betuigt hij spijt.

“Iedereen maakt fouten en ik ook”, citeerde zijn advocaat uit de brief. “Ik heb veel spijt van de dingen die ik heb gedaan. Ik ben oprecht teleurgesteld in mezelf.”

Volgens advocaat Vedder is het duidelijk dat het in de zaak tot een bewezenverklaring komt. Een belangrijk vraagstuk is volgens hem nog wel welk strafrecht op zijn cliënt moet worden toegepast: het jeugd- of het volwassenenstrafrecht.

H. wordt momenteel onderzocht door een psycholoog. Daarnaast brengt een onderzoeker van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie zijn leefomgeving, achtergrond en levensgeschiedenis in kaart.

De resultaten van dat onderzoek worden eind december verwacht. Op 17 december en 4 februari staan nog inleidende zittingen gepland. De rechtbank Rotterdam behandelt de zaak op 18 maart inhoudelijk.

- Advertisement -

NET BINNEN

Populairste artikelen