Minister Eelco Heinen van Financiën gaat de nieuwe wetgeving rond box 3 aanpassen. De afgelopen weken zwol de kritiek op het nieuwe belastingstelsel voor vermogen verder aan, zowel vanuit de politiek als vanuit beleggers. Heinen vreest dat het voorstel, dat onlangs nog werd aangenomen door de Tweede Kamer, het niet zal halen in de Eerste Kamer.
Voorafgaand aan het debat over de regeringsverklaring liet de minister weten dat hij “teruggaat naar de tekentafel”. Volgens hem is er in het proces iets misgegaan en moet de huidige wet worden aangepast.
Heinen wil hierover in gesprek met zowel de Eerste als de Tweede Kamer. Daar is nog enige ruimte voor, omdat het nieuwe stelsel pas in 2028 moet ingaan.
Nieuw box 3-stelsel: belasting op werkelijk rendement
Met het nieuwe box 3-stelsel wordt belasting geheven op basis van het daadwerkelijk behaalde rendement. Jarenlang werd uitgegaan van een fictief rendement, maar daar zette de Hoge Raad in 2021 een streep door. Sinds die uitspraak liep de Staat miljarden aan belastinginkomsten mis.
Het nieuwe systeem moet daar verandering in brengen. De kern is dat belasting wordt geheven via een vermogensaanwasbelasting. Dat betekent dat belastingplichtigen jaarlijks belasting betalen over de waardestijging van hun vermogen. Dat geldt ook als die winst nog niet daadwerkelijk is verzilverd, bijvoorbeeld bij aandelen die nog niet zijn verkocht. Nederland zou daarmee het enige land ter wereld worden dat niet-gerealiseerde winst op vermogen belast.
De Tweede Kamer stemde half februari met tegenzin in met de plannen. Binnen de Kamer bestaat echter brede twijfel over deze aanpak. Een meerderheid ziet liever een systeem waarbij belasting pas wordt betaald op het moment dat vermogen daadwerkelijk wordt overgedragen, bijvoorbeeld bij verkoop of overlijden.
Beleggers vrezen hogere lasten en problemen met verliesverrekening
Ook onder beleggers is de weerstand toegenomen. Zij zijn bang dat zij door de nieuwe systematiek meer belasting gaan betalen dan voorheen. Vooral de manier waarop verliezen worden verrekend, leidt tot onvrede.
In het nieuwe stelsel betalen beleggers belasting over de waardestijging van hun beleggingen. Daalt de waarde in latere jaren, dan volgt er geen teruggave over eerder betaalde belasting. Verliezen kunnen wel worden verrekend, maar niet met terugwerkende kracht. Juist dat punt ligt politiek gevoelig.
Heinen erkent dat de kritiek op de verliesverrekening begrijpelijk is. Over concrete aanpassingen wilde hij nog niet vooruitlopen. Eerst wil hij in overleg met beide Kamers om te kijken waar bijsturing nodig is en of er aanvullende compenserende maatregelen moeten komen.
Tussenstap naar vermogenswinstbelasting
Het huidige wetsvoorstel gold al als een tussenoplossing. De coalitie had de ambitie om in de komende jaren toe te werken naar een volledige vermogenswinstbelasting, waarbij belasting wordt geheven op het moment van realisatie van winst. De invoering daarvan vergt echter meer tijd.
Om die reden werd gekozen voor de vermogensaanwasbelasting als voorlopige oplossing. Nu het draagvlak daarvoor onder druk staat, onderzoekt de minister of het voorstel moet worden aangepast of dat alternatieven mogelijk zijn. Welke richting dat op gaat, is op dit moment nog onduidelijk.

