Met een historische race op de 1.000 meter veroverde schaatsster Jutta Leerdam maandag olympisch goud bij het langebaan-schaatsen. Ze troefde landgenoot Femke Kok af, die zilver pakte. Televisieautoriteit Tina Nijkamp maakt de volgende ochtend melding van absurde kijkcijfers voor Leerdam en Kok.
Jutta Leerdam wint van Femke Kok in zenuwslopende 1.000 meter
In een adembenemend snelle rit klokte Leerdam maandag 1.12,31 op de laaglandbaan in Milaan. De race werd bekroond met een staande ovatie tijdens haar ereronde.
Femke Kok legde beslag op het zilver met 1.12,59. Het brons ging naar Miho Takagi uit Japan.
Leerdam was na afloop zichtbaar geëmotioneerd. “Het voelde best raar, maar ik denk omdat het harder ging dan ooit. Daardoor was het een soort van nieuw gevoel,” zei ze direct na haar race voor de camera van de NOS.
Ze omschreef de rit als een mix van pijn en vastberadenheid. “Ik dacht, als ik pijn voel: ik heb nog 80 jaar om hiervan te herstellen. Gewoon niet aan denken en doorrammen tot die finish.”
De druk op haar schouders was voelbaar, gaf ze toe. “Je moet ergens anders van gemaakt zijn om dit te kunnen doorstaan. En dan alsnog beter dan ooit rijden. Ik heb mezelf gewoon wel weer bewezen hoe mentaal sterk ik ben.”
De race betekende niet alleen een persoonlijk hoogtepunt voor Leerdam, maar ook een nationale mijlpaal. Het is de eerste gouden medaille voor Nederland op deze Olympische Winterspelen.
Zoveel mensen keken naar strijd tussen Jutta Leerdam en Femke Kok
Dat de aandacht voor Leerdam én Kok enorm was, blijkt een dag later wel wanneer de kijkcijfers bekend worden gemaakt. Televisieautoriteit Tina Nijkamp meldt dinsdagmorgen vroeg op Instagram dat de finale van de 1.000 meter bij de vrouwen op NPO1 bekeken is door liefst 3.955.000 kijkers.
Geen enkel programma werd maandag beter bekeken. “Wauw! Ook GOUDEN kijkcijfers voor Jutta Leerdam. Super kijkcijfers!!!”, schrijft Nijkamp.
Volgens Nijkamp was het de best bekeken olympische schaatsrace sinds de 5.0000 meter bij de heren in Sotsji in 2014. Toen pakte Nederland alle drie de medailles: goud voor Sven Kramer, zilver voor Jan Blokhuijsen en brons voor Jorrit Bergsma.

