De oppositie in de Tweede Kamer ligt overhoop met het minderheidskabinet om een controversieel besluit van D66-minister Sjoerd Sjoerdsma. De minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking neemt in de ogen van de oppositie een uiterst onbetrouwbaar besluit.
De oppositie reageert woedend op het besluit van Sjoerdsma om alsnog miljoenen euro’s beschikbaar te stellen aan de Palestijnse hulporganisatie UNRWA.
De stap komt kort nadat zijn partij D66 juist afstand nam van een voorstel om die financiering te regelen, om steun van rechtse partijen te krijgen voor de begroting. Dat roept vragen op over de betrouwbaarheid van het minderheidskabinet.
Wisselende meerderheden zorgen voor politieke spanning
Regeren zonder vaste meerderheid dwingt het kabinet om per onderwerp steun te zoeken bij verschillende oppositiepartijen. In de praktijk leidt dat tot wrijving wanneer afspraken snel lijken te verschuiven. Dat is nu zichtbaar rond de financiering van UNRWA.
Vorige week was steun van rechtse oppositiepartijen nodig om de begroting van Sjoerdsma door de Kamer te krijgen. Linkse partijen wilden die begroting niet steunen vanwege eerdere bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking.
JA21 gaf aan de begroting te willen steunen, op voorwaarde dat het plan voor extra geld naar UNRWA van tafel zou gaan. Vervolgens trok D66 de steun voor dat voorstel in, waarna de begroting voldoende steun kreeg.
Snelle draai leidt tot woede bij rechts
Kort daarna kwam Sjoerdsma alsnog met een brief waarin hij aankondigde dat er extra geld naar UNRWA gaat, conform het coalitieakkoord. Daarmee leek het kabinet opnieuw steun te zoeken bij linkse partijen, die voorstander zijn van die financiering.
Voor rechtse partijen voelt dat als een breuk van vertrouwen. In de Kamer klinkt stevige kritiek. De handelwijze wordt omschreven als “niet chic” en “slinks”.
Ook wordt gewaarschuwd dat dit gevolgen kan hebben voor toekomstige steun aan kabinetsbeleid. SGP-leider Chris Stoffer stelde dat dit “de vertrouwensvraag raakt”, terwijl JA21 aangeeft deze gang van zaken niet te zullen vergeten.
Ook linkse partijen kritisch
Opvallend is dat ook linkse oppositiepartijen eerder kritiek hadden toen D66 het UNRWA-voorstel juist liet vallen om de begroting rond te krijgen. Dat werd als onbegrijpelijk bestempeld. De snelle koerswijziging van het kabinet leidt daarmee tot irritatie aan beide kanten van het politieke spectrum.
Kabinet in gevaar?
De ophef raakt aan een breder probleem voor het kabinet: het fragiele vertrouwen van de oppositie. Juist voor een minderheidskabinet is dat vertrouwen cruciaal om beleid en begrotingen door het parlement te krijgen.
Wanneer oppositiepartijen het gevoel krijgen dat afspraken of politieke signalen snel kunnen kantelen, kan de bereidheid om mee te werken snel afnemen. Een motie van wantrouwen en daarmee een ontslag van het kabinet ligt op de loer.
Minister verdedigt zich: ‘geen afspraken geschonden’
Sjoerdsma zelf verwerpt de kritiek dat het kabinet onbetrouwbaar handelt. Volgens hem is er geen sprake van het breken van afspraken en volgt hij simpelweg het coalitieakkoord, waarin steun voor UNRWA is vastgelegd.
Hij benadrukt dat de Tweede Kamer uiteindelijk beslist over de begroting en de bijbehorende wijzigingen.
De minister stelt dat hij transparant heeft gehandeld en probeert recht te doen aan zowel linkse als rechtse partijen.
Tegelijk erkent hij dat het zoeken naar wisselende meerderheden ingewikkeld is, zeker bij gevoelige onderwerpen zoals de situatie in Gaza.
Debat krijgt vervolg
De kwestie is daarmee nog niet afgerond. Het debat in de Tweede Kamer wordt volgende week voortgezet, waarbij de spanning rond de betrouwbaarheid van het minderheidskabinet centraal blijft staan.

